Westduinpark
Het Westduinpark en de Bosjes van Poot horen bij een duingebied dat zich vroeger uitstrekte van Monster tot aan de monding van de Oude Rijn bij Katwijk aan Zee. Samen met Wapendal vormen ze een Natura 2000 gebied. Daarmee horen ze tot het netwerk van beschermde natuurgebieden in Europa.
Het Westduinpark en de Bosjes van Poot vormen samen het ruim 230 hectare natuurmonument Westduinpark.
Het gebied verbindt Kijkduin met Scheveningen. Daarmee is natuurmonument Westduinpark het grootste groengebied in Den Haag.
Voor veel planten- en diersoorten is het een belangrijk leefgebied. Het heeft een typisch oud duinlandschap met veel duinstruweel en duingrasland.
Er is veel biologische variatie in het duinpark, met dichte bebossing en open vlakten, steile hellingen en uitzichtpunten die tot meer dan 30 meter boven zeeniveau uitsteken. De grootste viervoeter die van nature in het park voorkomt is de vos; er worden echter ook veel honden uitgelaten, en er zijn voor ruiters bestemde paden. Er komen veel vogelsoorten voor, onder meer in
aanzienlijke aantallen de nachtegaal.
Op het voedselarme zand gedijen diverse planten. In juli en augustus kleuren de
koningskaars en de teunisbloem het duingebied geel, samen met het donkerder gele jacobskruiskruid, met een blauw accent van het slangenkruid. Er zijn lage boomvormen te vinden van de witte abeel en de meidoorn, de liguster, de vlier en de duindoorn, en kleine bosjes duineiken, een type zomereik dat zich door de arme voedingsomstandigheden op een grillige manier ontwikkelt. Duineikenbossen komen vrijwel uitsluitend in Nederland voor.
Door de verstedelijking van Den Haag en Scheveningen is deze zogenaamde duinwig niet meer een geheel. De duingebieden zijn aan drie zijden omgeven door stedelijke bebouwing. De Bosjes van Poot zijn door de bebouwing van Duindorp en door de Nieboerweg bovendien gescheiden van de rest van het natuurmonument Westduinpark. De gebieden zijn doorsneden door een dicht netwerk van voet-, fiets- en ruiterpaden.